Gebroken duimbasis

Bennett- en Rolando-fracturen
Het duimbasisgewricht is een zadelvormig gewricht op de overgang tussen het middenhandsbeentje en de pols. Het is het belangrijkste gewricht in het gebruik van de duim. Een breuk tot in dit gewricht kent twee beruchte problemen:
1) het gewricht is beschadigd, en 2) het gewricht staat niet meer op zijn plek. Kapsels en pezen trekken de gebroken botdelen uit elkaar en vervolgens het gewricht van zijn plaats.

Door de vorm, beweeglijkheid en relatief grote belasting is het duimbasisgewricht weinig vergevingsgezind. Elke standsafwijking heeft een groot risico op vervroegde slijtage en vereist specialistische aandacht. Onvoldoende behandeling verhoogt de kans op een pijnlijk, instabiel en/of stijf gewricht.

Diagnose

Oorzaak
Een direkte klap in de asrichting van de duim. Meestal door een vuistslag of een val op de duim (met voorwerp in de hand of b.v. bij fietsers, brommerrijders).

Diagnose
Een pijnlijk, gezwollen duimbasis met de duim enigszins verplaatst richting de handpalm. De duimbasis kan onstabiel zijn en de knijpkracht is verminderd. Goede rontgenfoto's zijn nodig om niet alleen de breuk maar ook de verplaatsing van het gewricht in beeld te brengen.
Een Bennett-fractuur is een schuine breuk aan de pinkzijde van de duimbasis waardoor het middenhandsbeentje aan de andere zijde wordt weggetrokken. Bij een Rolando-fractuur is de basis van het middenhandsbeentje aan beide zijden gebroken waardoor het resterende middenhandsbeentje inzakt. In geval van verdenking op een Rolando-fractuur kan een CT-scan nodig zijn.

Behandeling

De behandeling hangt af van de grootte van het afgebroken botdeel en de mate van verplaatsing van het gewricht.
Als maar een klein deel afgebroken is en het gewricht niet meer dan 1 millimeter verplaatst is, volstaat een behandeling zonder operatie waarbij het duimbasisgewricht in de juiste stand in het gips wordt gezet.

Operatie
Door zijn bijzondere vorm is een verplaatsing van meer dan 1 millimeter al ongunstig voor de prognose. Het kan dan nodig zijn om het gewricht met tijdelijke stalen pennetjes op zijn plek vast te houden en/of de botdelen op hun anatomische plek te fixeren.
Vanaf 3 millimeter verplaatsing en bij een Rolando-fractuur moet de breuk sowieso als onstabiel worden beschouwd. Het is afhankelijk van de grootte van de gebroken delen hoe deze met een operatie weer op hun plek gezet kunnen worden. Op de foto is dit met een schroef gedaan.

BENNETT#
Herstel na botbreuk
De breuk kan 4 tot 6 weken nodig hebben om stevig te genezen. In deze periode heeft de botbreuk rust nodig. In veel gevallen wordt daarna de handtherapeut ingeschakeld om u te begeleiden in het herstelproces en het oefenen van de duim.

Te verwachten resultaat
Elke behandeling na een botbreuk beoogt een optimaal herstel van uw duimfunctie. In welke mate dit bereikt kan worden hangt erg af van de ernst en de plaats van de breuk. Langdurige zwelling en enigszins bewegingsbeperking is gebruikelijk maar mag de functionele inzetbaarheid van uw duim niet beperken. Het te verwachten resultaat in uw situatie zal uitgebreid met u besproken worden door de handchirurg.

Complicaties
Bij elke operatie kunnen complicaties optreden zoals een bloeding of een wondinfectie. In geval van botbreuken wordt vooral gelet op het ontstaan van een wondinfectie. Een rustige wondgenezing is belangrijk voor het herstel van de functie. Ondanks goede begeleiding door de handtherapeut kan het duimbasisgewricht langdurig of zelfs blijvend stijf blijven. Op de lange termijn is een pijnlijke slijtage de belangrijkste complicatie. Een andere complicatie is het te langzaam of zelfs onvoldoende vastgroeien van de breuk. U wordt onder controle gehouden door de handchirurg totdat we er zeker van zijn dat uw genezing optimaal verloopt en er geen problemen meer kunnen optreden.